Vania en haar man Robenson hebben zes kinderen en wonen in de stad Guichard, op 15 minuten van de grote stad Les Cayes. Twee van hun kinderen, Jean François van 10 en Darlène van 2 jaar, nemen deel aan het Compassion-programma. Vania en Robenson werken hard om hun gezin te onderhouden. Vania verkoopt diverse producten, zoals voedsel, kleding en huishoudelijke artikelen en haar man werkt in de landbouw en veeteelt. Vania vertelt: “Ik ben afhankelijk van het seizoen en of ik een goede plek op de markt kan bemachtigen. Er is nog niet genoeg geld om een winkel te openen, maar ik doe wat ik kan.”

Een dubbel gevoel

“De eerste minuten na de aardbeving, wilde ik maar één ding: naar huis, naar mijn familie. Dat ging alleen niet zo makkelijk. Iedereen was in paniek en er was geen taxi te vinden, dus ik begon gewoon te lopen, ook al was ik ver van huis. Hoe verder ik kwam, hoe ongeruster ik werd. De huizen waren verwoest, mensen huilden en waren gewond.”

Eindelijk komt ze aan bij hun huis. Het huis is compleet verwoest, maar haar gezin is veilig. “Het was heel dubbel. Ik voelde me verslagen, maar ook opgelucht. Ik kon alleen maar huilen, omdat ik me realiseerde dat het nog veel erger had kunnen zijn. Ik omhelsde Darlène en haar onschuldige ogen gaven me kracht.”

Diezelfde avond treft een orkaan met zware regenval het zuidelijke deel van Haïti. Vania: “Ons huis bood geen bescherming meer, maar dankzij de medewerkers van het Compassion-project hadden we toch een dak boven ons hoofd en waren we veilig tegen de regen en wind.”

Een lastige beslissing

De regen maakt letterlijk weer plaats voor de zon, maar in het leven van Vania en haar gezin blijft het nog even donker. Ze hebben niet genoeg middelen om een plek te creëren waar ze allemaal kunnen wonen. “We konden amper liggen en als het ’s nachts regende, werden we vaak nat. Het was gewoon niet mogelijk om bij elkaar te blijven”. Dus maakten Vania en Robenson een ontzettend lastige beslissing: ze stuurden twee van hun oudste kinderen naar vrienden in de buurt, die minder getroffen waren door de aardbeving.

En terwijl het gezin van Vania vecht om te overleven, krijgen ze te maken met nog een tegenslag. Op een nacht vallen honden uit de buurt het vee van de familie aan. Van de tien dieren, overleven er slechts twee de aanval. Nu is het gezin hun inkomen volledig kwijt.

Een lichtpuntje

“Ondanks alles bleef ik vertrouwen op God. Ik bleef met Hem praten in gebed. Mijn grootste gebed was dat we weer een veilige slaapplaats zouden hebben en dat we weer met ons hele gezin bij elkaar zouden kunnen zijn.”

Gelukkig is daar dan eindelijk goed nieuws. De Compassion-medewerkers vertellen Vania dat haar gezin tijdelijk onderdak krijgt. Haar gebed is verhoord. “Ik verloor mijn huis met al mijn persoonlijke bezittingen, maar toch heeft God mijn gezin gespaard. Ik weet dat Hij daar een goede reden voor heeft. Ik zag Zijn goedheid in wat de Compassion-medewerkers  voor ons hebben gedaan.”

Vania vertelt vol enthousiasme over haar nieuwe woning: “Mensen noemen het een tijdelijk onderkomen, maar ik noem het ons paleis! God hoorde mijn gebeden en gaf me nog meer dan waar ik van had durven dromen.” Robenson vult aan: “Door Zijn genade bleven we hoop houden, ook in de moeilijkste periode van ons leven.”

We zijn niet alleen

Het gezin komt weer bij elkaar en samen verhuizen ze naar hun nieuwe woning. Ondanks alle uitdagingen die de familie heeft moeten doorstaan in een korte periode, zijn ze dankbaar. Er zijn nog steeds uitdagingen, maar Vania en haar gezin weten dat ze niet alleen zijn.