Pipasha: 'We wisten niet waar we nog hulp konden krijgen'


Alina is medewerkster van een moeder- en babyprogramma van Compassion in Bangladesh. Ze zat aan haar avondeten toen ze gebeld werd door Pipasha, de moeder van de elf maanden oude Provash. Ze was bang, omdat zijn koorts maar niet wilde zakken.


Alina liet haar eten voor wat het was en haastte zich naar het gezin. Toen ze daar arriveerde, lag de vader van Provash ook ziek op bed. Papon had al een week niet kunnen werken, waardoor het gezin al die tijd geen inkomen had. Pipasha was wanhopig bezig om haar huilende kindje te kalmeren.

Risico
Ook in Bangladesh zijn er strenge maatregelen door het COVID-19 virus, waarbij 1,5 meter afstand moet worden gehouden van elkaar. Alina kon niet thuisblijven, want ze wist dat dit gezin dringend hulp nodig had. “Als ik het virus krijg, kan ik doodgaan. Maar als ik mijn werk niet doe, loopt de baby een risico.”

Geen toegang tot het ziekenhuis
Ze nam Pipasha en Provash mee naar de dichtstbijzijnde apotheek voor medicijnen tegen de koorts. Maar het was laat op de avond en alle winkels waren al dicht. Ze hadden geen andere keus dan naar het lokale ziekenhuis te gaan, dat slecht uitgerust is.

Toen ze daar arriveerden werden ze argwanend aangekeken en gevraagd om naar een ander ziekenhuis te gaan. Alina probeerde wat ze kon, maar er werd niet naar haar geluisterd. Ondanks de huilende en hoestende Provash. Ze praatte met de verpleegkundigen en de bewakers. Ze was er vaker geweest voor medische hulp en snapte niet waarom ze nu geweigerd werden. Het had geen effect. De bewakers zwegen en bleven de weg voor hen versperren.

Ze verlieten het ziekenhuis, boos en gefrustreerd. Ze wisten niet waar ze nu nog hulp moesten krijgen. Een medewerker van het ziekenhuis kwam naar hen toe. “Het spijt ons, maar iedereen is bang als er mensen langskomen met klachten die gerelateerd zijn aan het COVID-19 virus. We zijn niet voorbereid en onvoldoende uitgerust om iemand met het virus te behandelen.”

De volgende stap
Alina dacht na over de volgende stap, toen ze gebeld werd door Dulrave, de projectdirecteur van Compassion. Hij adviseerde hen naar het districtsziekenhuis te gaan, 40 kilometer verderop. Ze haastten zich naar het districtsziekenhuis, waar Provash werd opgenomen. Ook in dit ziekenhuis reageerde men wantrouwend, maar Alina gaf niet op. Ze deed alles wat in haar macht lag om de juiste dokter te vinden voor Provash.

Aan de frontlinie
Na een behandeling van drie dagen, knapte Provash op. Hij mocht weer naar huis. Ook zijn vader is weer beter en het gezin is weer bij elkaar, gezond en wel. Met dank aan Alina, die bereid was een stap extra te doen voor hen. Voor ons zijn onze lokale medewerkers onze helden. Zij staan aan de frontlinie bij het uitvoeren van onze missie. Ze komen grote uitdagingen tegen, zeker in deze moeilijke tijd. Laten we hen niet vergeten en voor hen bidden.

*****************

In ontwikkelingslanden zijn de gevolgen van het coronavirus en de lockdown enorm.
Compassion helpt door in samenwerking met de lokale kerk gezinnen te voorzien van voedsel, schoon water, medicatie en andere dagelijkse benodigdheden.

Wil je bijdragen voor noodhulp?