'Geen miskraam dankzij de juiste hulp'


Juliet (23) komt, vier maanden zwanger van haar eerste kindje, terecht bij het Moeder‐ en babyprogramma in Uganda. Met de inzet van dit programma vecht Compassion tegen het hoge sterftecijfer van moeders en jonge kinderen die overlijden aan de gevolgen van armoede. Juliet vertelt hoe haar zwangerschap zonder hulp in een miskraam zou kunnen zijn geëindigd.

Opgegroeid in armoede
“Ik was een van de negen kinderen. Mijn vader was boer en had meerdere vrouwen. Wij konden niet altijd naar school. Mijn moeder kon niet lezen of schrijven. Mijn broers, zussen en ik werkten hard, zodat we af en toe een klein beetje geld hadden om toch naar school te kunnen. Soms genoeg voor een week, soms voor een heel semester. We misten alleen wel alle examens en veranderden vaak van school als de rekeningen zich weer eens opstapelden."

Geen geld voor een dokter
"Ik hielp mijn ouders in de moestuin. Als we zoete aardappels hadden, aten we die het hele jaar door. We hadden geen gevarieerd dieet. Ik had vaak honger en er waren dagen dat ik slechts een maaltijd per dag at. Ik was gewend om beschuldigd te worden van dingen die een van mijn oudere broers of zussen had gedaan. Als een van de jongsten kon ik mezelf niet altijd goed verdedigen, daarom wilde ik later advocaat worden. Ik was vaak ziek, maar ik kon niet naar een dokter. Mijn ouders namen dan kruiden voor mij mee uit het bos. Als ik langs huizen van rijke mensen liep, wilde ik dat ik in zo’n rijk gezin geboren was.”

Gevaar voor de baby
“Op mijn zestiende verliet ik school definitief om te gaan werken. Edward was een van de vaste klanten in de kapsalon waar ik werkte. Hij was knap en zei lieve woordjes, ik werd verliefd en enige tijd later trouwden we. Al snel werd ik zwanger, maar ik was vaak ziek. We hadden heel weinig geld en ik kon de bus naar het ziekenhuis niet betalen, laat staan een doktersrekening. Op de dag dat ik eindelijk genoeg geld had om naar een dokter te gaan, vertelde de dokter dat ik was uitgedroogd en een veel te hoge bloeddruk had. Ik zou de baby kunnen verliezen als mijn gezondheid niet zou verbeteren. Ik maakte me grote zorgen.”


De juiste zorg
“Het was rond deze tijd dat het Moeder‐ en babyprogramma van Compassion mij benaderde, nadat iemand uit mijn kerk had gezien dat ik hulp nodig had. Ik was vier maanden zwanger. Zonder deze hulp was de kans groot dat ik een miskraam zou hebben gekregen. Mijn blijdschap en hoop kwamen terug. Vanaf dat moment kon ik terecht bij de projectmedewerkers en werd ik direct doorgestuurd naar het ziekenhuis als dat nodig was. Ik leerde niet alleen het belang van een goede hygiëne, maar ook hoe ik beter voor mezelf en de baby kon zorgen tijdens de zwangerschap. De projectmedewerkers bezochten mij thuis en leerden mij over de Bijbel. Ik kreeg een bevallingsuitzet, een nieuw matras, ijzertabletten en een tetanusprik. Ook kreeg ik een maandelijkse controle bij de verloskundige."

De dag van de bevalling
"Op de dag van de bevalling voelde ik ‘s ochtends rugpijn. Toen ik tegen vier uur ‘s middags in het ziekenhuis aankwam, zeiden ze dat dit weeën waren en dat het kindje er snel zou zijn. De weeën kwamen alleen niet snel genoeg en de gynaecoloog besloot de weeën op te wekken. Mijn man moest terug naar zijn werk en ik was helemaal alleen. Ik had veel pijn, zag bloed en raakte in paniek. Ik schreeuwde om de zuster! Het was uiteindelijk de verpleegster van een andere afdeling die mij naar de bevallingskamer bracht waar de baby goed ter wereld kwam. Ik noemde onze dochter Christine, zij is mijn bron van vreugde. Ik was zo gelukkig, nu was ik moeder, iets wat ik mijn hele leven al wilde. De ‘tantes’ van het programma leerden me hoe ik borstvoeding moest geven. In het begin kwamen ze minstens eens per maand langs om te kijken hoe het met ons ging."

Sparen voor de toekomst
"Ik werd vriendinnen met andere moeders van het project en ga nog steeds naar de groepsactiviteiten. Ook heb ik via Compassion een cursus boekhouden gevolgd. Zowel mijn man als ik hebben geen opleiding. We verdienen ons geld met het verkopen van chapati’s (lokaal plat brood). Hiermee verdienen we ongeveer anderhalf tot twee dollar per dag. Vanaf het moment dat ik bij het Moeder- en babyprogramma terechtkwam, kunnen we zelfs een beetje sparen. In de toekomst willen we graag een stukje land kopen, waar ik onze eigen groenten kan verbouwen. Onze levens zijn positief veranderd!”

***

De hulp aan moeders als Juliet wordt betaald uit het fonds Moeders en baby's. Benieuwd wat jij kan doen?